in

Scrum: de do’s en don’ts van agile werken

Sprints, stand-uppen, scrum master. Het zijn termen die behoren aan een bepaalde tak van sport, namelijk agile werken. Veel grote en kleine bedrijven werken agile en dat is niet zonder reden. Het zorgt ervoor dat grote projecten, vooral IT-projecten, in kleine delen worden gehakt en hierdoor niet alleen behapbaar zijn voor het team, maar ook voor de klant.

Het vergt echter wel enige aanpassing in de manier van werken. Zo zijn er bepaalde ‘tradities’ die tot agile werken behoren, zoals de stand-up die in de ochtend zorgt dat iedereen weet waar hij aan toe is. Ben je daar als teamlid niet bij, dan mis je belangrijke informatie en weten mensen tegelijkertijd niet waar jij mee bezig bent. Er zijn veel dingen je goed kunt doen, maar ook die verkeerd kunnen lopen. 

Do: mensen de vrijheid laten  

Agile werken kan dubbel voelen: enerzijds zijn er duidelijke afspraken van wat er moet gebeuren en door wie, anderzijds moeten mensen zich ook vrij voelen binnen het team. Vrij om met eigen ideeën te komen of eigen tijd in te delen. Dat is waarom vrijheid een van de belangrijkste do’s is op het gebied van scrum werken, zodat mensen zich comfortabel en gemotiveerd voelen. Een agile team werkt over het algemeen het beste als er niet steeds management komt kijken: zo werken teams veel sneller en efficiënter.

Don’t: de scrum master skippen  

Een scrum master is er niet om bij mensen over hun schouder te kijken. De scrum master is er enerzijds om te luisteren en meetings te sturen, maar ook om verzoeken voor het project te beoordelen. Gebeurt dat niet, dan ontstaat er met gemak een oneindige lijst met wensen die niet meer te overzien is. Een scrum master hoeft niet per se full time aanwezig te zijn en er zijn zelfs bedrijven die één scrum master op meerdere teams zetten. Als hij of zij er maar regelmatig is om alles in goede banen te leiden voor zowel de klant als het team.

Do: gebruikmaken van tools 

Wie een kamer inloopt waar een scrumteam bezig is, ziet vaak een muur met allemaal post-its. Hoewel dit zeker een manier is om voor iedereen visueel te maken wat er speelt, loont het zeker de moeite om ook gebruik te maken van online tools. Juist in een wereld waarin we regelmatig hybride werken is het handig om een soort online prikbord te hebben waarop iedereen te allen tijde weet waar hij of zij aan toe is. Er zijn heel veel geweldige apps om scrum teams daarbij te helpen, dus maak daar gebruik van.

Don’t: je blindstaren op ervaring 

Teams werken het beste als er een grote verscheidenheid aan mensen in het team aanwezig is. Sommige managers denken onterecht dat je allerlei enorm senior medewerkers nodig hebt, terwijl dat totaal niet het geval is. Het is juist de veelheid aan persoonlijkheden, kennis en vaardigheden die teams succesvol maken. Zorg dus ook dat van iedereen input wordt gevraagd over zaken en mensen het woord krijgen, want waar iemand ook vandaan komt: iedereen heeft iets naar het team te brengen, alleen krijgen soms alleen de dominantere en/of meer senior mensen hiertoe de kans. 

Do: uitjes, breaks en verrassingen organiseren

Het is een cliché om in een IT-vacature te spreken over een tafeltennistafel, maar dat wil niet zeggen dat IT’ers dat niet af en toe nodig hebben. Constant geconcentreerd aan het werk zijn, dat bestaat niet. Om af en toe even het werk te breken, kun je een potje Mario Kart spelen, even een wandeling maken buiten of zelfs een uitje plannen om het team even een adempauze te geven en bovendien elkaar beter te leren kennen buiten het werk om.

Don’t: aan het werk gaan zonder kennis over agile werken 

Hoewel de basis van agile werken heel simpel lijkt, is het alsnog belangrijk om mensen goed te trainen op deze manier van werken. Dat voorkomt wrijving en onduidelijkheid onder medewerkers en zorgt voor meer duidelijkheid binnen een team. Wanneer de neuzen dezelfde kant op staat, scheelt dat tijd en bevordert het de samenwerking. Aan het begin investeren in een training kan op de lange termijn vele problemen schelen. 

Do: Retrospectives inbouwen 

Wat als een van de eerste dingen wordt vergeten of geschrapt, dat is de retrospective. Zonde, want hierin wordt er teruggekeken op de afgelopen sprint, zonder daarbij alleen maar te kijken naar wat er is gemaakt (het is immers geen demo), maar vooral te kijken wat er goed ging en wat er beter kon. Hieruit ontstaan vaak nieuwe processen die het team nog beter maken. Een retrospective hoeft niet uren te duren: als er maar aandacht voor is. Zo kunnen namelijk ook eventuele spanningen tussen bepaalde teamleden worden uitgesproken, in plaats van dat die blijven hangen en meegaan in de volgende sprint.

Uiteindelijk is geen enkel team hetzelfde en zal de werkwijze binnen elk scrum-team toch net even anders zijn. Als iedereen zich maar kan vinden in de manier van werken, want hierdoor is iedereen binnen het team gefaciliteerd om succesvol te zijn. Dat is uiteindelijk ook waarom zo’n scrum master zo belangrijk is: die is geen projectmanager, die is vooral projectfaciliteerder en daarin is een goed geolied team essentieel. 

Mag een bank zijn eigen bank-app verplichten?

Tweestapsverficiatie instellen: Deze methodes zijn er